Feestrede van Herman Balthazar bij de inhuldiging van Loreleie

LORELEIE

Inhuldiging van bronzen Loreleie
Portus Ganda, 19 september 2020

 

Er is onlangs in Gent een prachtig kleurboek verschenen over onze mooie stad. Auteur-tekenaar Katrien Van Gysegem heeft zorgvuldig de hoogtepunten van haar stad uitgezocht en zet ons aan ze naar eigen smaak te kleuren. Op de vierde bladzijde komen de Gentse standbeelden die zij bijzondere aandacht wil geven. Er zijn er vijf. Eerst komt Tjok Van Artevelde op de Vrijdagmarkt; dan komt de Gentse stroppendrager aan de Donkere Poort in het Prinsenhof; dan komt de Duiker aan de Lindenlei; dan komt Romain De Coninck aan zijn Minard EN dan - hier, vandaag terug – de LORELEIE, het beeld van kunstenaar Johan Meirlaen.

Van haar bekende plaats op een oud staketsel waar we ze een vijftal jaren zagen zitten naar een tijdelijke schuilplaats in de dakgoot van het zwembad Van Eyck komt zij nu, vandaag in nieuwe en bronzen gedaante definitief terug op deze mooie voorplecht tussen de twee bruggen die het centrum van Gent verbinden met de oude Heerlijkheid Sint-Baafs waar ooit de Loreleie voor het eerst moet opgedoken zijn, want de inspiratie van beeldhouwer Meirlaen komt zowel uit de nieuwe stadsglorie van Portus Ganda als uit de oudste geschiedenis aan deze samenloop van Leie en Schelde.

Standbeelden van historische personages hebben het vandaag de dag niet gemakkelijk. We leven in een tijd waarin geschiedenis heftig herschreven wordt en waarin de symbooldragers van deze geschiedenis vaak besmeurd of brutaal van hun sokkel gehaald worden.

Het beeld dat vandaag terug keert loopt op dat vlak geen risico’s behalve misschien voor gefrustreerde pezewevers die het moeilijk hebben met vrouwelijk naakt.

Lore, het meisje aan de samenloop van Leie en Schelde, Lore, ons beter bekend als de Loreleie zat hier wellicht al in haar edel blootje wanneer de Benedictijn Amandus hier in de vroege zevende eeuw aankwam met zijn bootje om twee abdijen te stichten op de plek die zou uitgroeien tot de mooie en machtige stad Gent. Volgens de legende zou Amandus dan van ’t verschieten in het water gevallen zijn, maar dat zijn onverifieerbare feiten. De Gentse Loreleie was overigens geen meisje om de mensen schrik aan te jagen. In die zin lijkt zij in genen dele op haar naamgenote op de Rechteroever van de Rijn tussen Koblenz en Wiesbaden. Volgens die andere legende zat de bloedmooie blondine Lorelei aldaar op een hoge rots zo verleidelijk te kwelen dat schippers op de Rijn de controle over hun roer verloren en zo met hun schip op de rotsen liepen. De Duitsers die, wanneer ze niet ten oorlog trekken, een beetje melancholisch van aard zijn, hebben over hun Rijnlandse Lorelei ontelbaar veel verhalen, gedichten en liederen geschreven. Het drong zelfs door tot de Vlaamse stripalbums van De Rode Ridder en van Suske en Wiske, waar tante Sidonie in De Snikkende Sirene poogt te zingen gelijk de Duitse Lorelei.

Onze Gentse Loreleie lijkt in niets op haar Duitse naamgenote. Onze Lore, met haar chique naam Eleonora, maar beter bekend als Loreleie, bewoonster en beschermster van die unieke plek waar stromen ons samen brengen, deze Loreleie is het symbool van wat mensen samen brengt, samen houdt, samen dromen laat waar maken.

Hier vloeien Leie en Schelde samen, beiden met hun bron in Frans Vlaanderen. Hoe Leie en Schelde oorspronkelijk Gent zijn binnen gemeanderd en elkaar hier ontmoet hebben is al voorwerp geweest van veel geleerde studies. Zeker is dat het mensenhanden waren die in de loop der eeuwen meanders recht trokken, die kanaliseerden, die dempten, die het water zo vervuild maakten dat geen vis er nog in leven kon blijven. Loreleie kon het niet aanzien en verdween droevig uit het beeld.

Het waren opnieuw mensenhanden die sinds de laatste decennia aan het werk gingen om de stad terug te geven aan het water waar opnieuw vissen zouden zwemmen. De Schelde die vanaf het Geeraard Duivelsteen brutaal gecastreerd werd kreeg op de Reep weer open water. Een nieuwe sluis werd gebouwd om het verschil in waterpeil tussen Leie en Schelde op te vangen. Een nieuwe Portus Ganda kreeg vorm. Het werd steeds aangenamer om er te komen : voor de plezierboten, voor de vissen, voor de vogels, voor de buren, voor de passanten, voor de bezoekers. En Loreleie zag het en zij keerde terug naar haar oude plek. Sterker en mooier dan ooit is zij teruggekomen. We gaan haar koesteren en we gaan helpen om deze plek in de stad nog mooier te maken.

Ik denk aan dat prachtige lied van Stef Bos over zijn lief Lorelei. Ik denk dat hij het moet bedacht hebben voor onze Loreleie :

Lorelei,
deel van mij,
Ik en jij,
Wij zijn wij.
Lorelei,
Deel van mij.
Jij bent een wonder
En ik kan niet zonder jou.
Mensen, ’t Is feest vandaag.
Welkom liefste Loreleie.
En innige dank aan allen die haar terugkeer mogelijk maakten.


(Herman Balthazar)